Statistieken klimmen bij Nijmegen
Toelichting KBN getal
Het KBN getal is een maatstaf om verschillende hellingen met elkaar te vergelijken qua zwaarte. Het wordt berekend door het produkt te nemen van de som van het gemiddelde stijgingspercentage van alle hoogtemeters en het gemiddelde stijgingspercentage van de helft van de hoogtemeters.
Formule KBN getal: (% + s%) * h = kbn
Voorbeeld: de Jansberg heeft 28 hoogtemeters (h), is 600 meter lang (l) en heeft de volgende stijgingspercentages: 2-4-7-5-7-3. De helft van de hoogte is 28/2 = 14. Met 2 stroken van 100 meter met een stijging van 7 meter is de afstand waarin de stijging van 14 meter gemaakt wordt 200 meter. Het splitpercentage (s%) is 14/200 * 100 = 7 %. Het gemiddelde stijgingspercentage voor de hele helling is hoogtemeters (28) / afstand (600 meter) * 100 = 4,67 %. Als we deze gegevens invullen in de formule krijgen we (4,67 + 7,00) * 28 = 327. Dit getal staat gelijk aan een fictieve helling van 32,7 meter hoog met een constante stijging van 5% of een fictieve helling van 16,4 meter hoog met een constante stijging van 10%.
Toelichting kbnklassen
De klimmen zijn op KBN ingedeeld in de gewichtsklasse A, B, C of D. De A klasse is de zwaarste en bevat klimmen met een KBN van 750+, wat gelijk staat aan een helling van 75 meter hoog met een constante stijging van 5%. In Zuid-Limburg zijn veel (minimaal 40) klimmen te vinden van deze categorie. Buiten het Heuvelland komen dit soort hellingen alleen voor in het Rijk Van Nijmegen (Vijf van Nijmegen) en de Veluwezoom (Zijpenberg 862 en Rouwenberg 776). Hier kun je er nog omheen, daar straks niet meer. De helllingen van de B-klasse (450+) komen in Midden-Nederland relatief het meest voor op de Veluwezoom met bijvoorbeeld de Posbank (716) en de Italiaanseweg (505). Klimmen van de C-klasse (300+) zijn typisch voor het betere klimwerk op de Utrechtse Heuvelrug, waar de hoogtemeters minder zijn, maar de stroken niet altijd minder steil. Hellingen van de D-klasse (300-), tenslotte, zijn glooiende heuvels zoals je die vindt op de Ede-Wageningen stuwwal, Hoge Veluwe, Sallandse Heuvelrug en het Montferland. De Nijmeegse stuwwal is, zo te zien, van alle markten thuis.


